Logo Universiteit Utrecht

Ioniserende Stralen Practicum

Overige dienstverlening

Workshops

In het kader onderwijs kan het ISP vanuit de Universiteit Utrecht workshops verzorgen op het gebied van ioniserende straling. Dit kan bij onze practicumzaal op de universiteit maar ook bij u op locatie. Indien gewenst maken we een compleet nieuw programma met nieuwe werkbladen en informatie of we passen ons bestaande programma aan. Dit doen wij voornamelijk voor MBO, HBO en universitaire opleidingen zoals bijvoorbeeld MBO Lifesciences of . Maar ook enkele instituten hebben op het gebied van nascholing onze hulp al ingeroepen.

Natuurlijk kan het werken met radioactieve stoffen niet zomaar. Samen met een van onze stralingsdeskundige maken we een passend programma zodat leerlingen/studenten/cursisten goed voorbereid aan de slag kunnen.

Radioactieve stoffen op school

Voor het in bezit hebben van die radioactieve stoffen is bijna altijd een vergunning vereist. De administratie omtrent het bezit van radioactieve stoffen of röntgenapparatuur moet vastgelegd zijn in een zogenaamd KernEnergieWet dossier (KEW-dossier). In dat dossier hoort ook een inventarisatie opgenomen te zijn van de risico’s die het in bezit hebben en gebruiken van de stoffen of apparatuur op kan leveren (Risico Inventarisatie & Evaluatie of RI&E). Voor een vergunning moet iemand op school tenminste in het bezit zijn van de kwalificatie Toezichthoudend Medewerker Stralingveiligheid (TMS) voorheen sstralingsdeskundige 5A of 5B. Deze moet de kennis ook bijhouden, toezien op juist gebruik van de radioactieve stoffen of de röntgenapparatuur en het KEW-dossier actueel houden.
Duidelijk is, dat het omgaan met ioniserende straling, zeker in het onderwijs, veilig moet gebeuren.
De voorwaarden voor een vergunning worden wettelijk omkaderd door het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming (Bbs) voorheen Besluit Stralingsbescherming (BS).

Het toezicht voor nucleaire veiligheid en stralingsbescherming in Nederland Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). De ANVS stelt daarvoor regels op, verleent vergunningen, ziet toe op de naleving daarvan en kan handhavend optreden.

Nieuwe regels

Het Bbs is onder meer vernieuwd om de administratieve last minder groot te maken. Tandartsen en dierenartsen met röntgenapparatuur bijvoorbeeld, hoeven voor de lichtere toestellen nu geen vergunning meer te hebben, een melding is voldoende. Voor scholen betekenen de nieuwe regels echter geen verlichting maar eerder een verzwaring van de eisen.
Er wordt nu verwacht dat een school de Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) jaarlijks laat controleren door iemand met een geregistreerd diploma coördinerend stralingsdeskundige. De meeste scholen hebben zo’n deskundige niet in huis.

Het ISP als coördinerend deskundige

Gelukkig mag je zo’n coördinerend deskundige inhuren. Deze komt dan, minimaal 1 keer per jaar, langs voor een inspectie van de RI&E en dient deze ook opnieuw goed te keuren wanneer er een nieuwe bron wordt aangeschaft. De deskundige zal ook de handelingen die horen bij het werken met de bronnen kritisch bestuderen. Deze coördinerend deskundige zal in het algemeen de RI&E graag voor je maken of indien aanwezig/nodig aanpassen. Dit is echter niet noodzakelijk. Zeker met het beperkt aantal bronnen dat op scholen aanwezig is kan je dit als toezichthoudend deskundige van een school vaak zelf. Bij het aanvragen van een vergunning is een RI&E verplicht, de school zal dus al wel dat document bezitten.
Scholen met eigen bronnen of röntgenapparatuur moeten met deze nieuwe regels opnieuw nagaan of de voordelen van het zelf in bezit hebben van radioactieve bronnen of röntgenapparatuur opweegt tegen de nadelen.

Mocht de school besluiten dat ze de bronnen willen behouden dan bied het ISP naast de bekende dienstverlening vanuit de Universiteit Utrecht ook de mogelijkheid aan om als Coördinerend stralingsdeskundige op te treden voor onderwijsinstellingen. Ook kan het ISP tijdens een schoolbezoek desgewenst de aanwezige radioactieve bronnen met veegproeven controleren op besmetting.

Wanneer het ISP als coördinerend deskundige optreed wordt het keuren van de radioactieve bronnen hierin meegenomen.

Bronnen afvoeren

Wanneer besloten wordt de bronnen toch af te voeren dan is het ISP met de Arbeidsinspectie overeengekomen dat het ISP, (tijdens een schoolbezoek) desgewenst op een verantwoorde wijze voor de afvoer van deze bronnen kan zorgen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Rob van Rijn.